
1.
Grondstoffen
1.5. Andere
grondstoffen : vruchten, vlees, noten, kruiden
Appels
Appels
zijn een van de meest gebruikte vruchten in de bakkerij. Denk maar aan
appeltaarten en appelflappen of cake met appeltjes. Er bestaan vele soorten
appels, maar ze zijn niet allemaal even geschikt om in de bakkerij te gebruiken.
Soms vragen mensen mij : "hoe komt het dat mijn appeltaart inzakt ?".
Wel veel hangt af van de soort appels, de variëteit dus, en de hardheid van de
appel. Daar bestaat trouwens een vrij eenvoudig toestelletje voor dat de kracht
gaat meten die men nodig heeft om een rond mesje
De
volgende tabel geeft een overzicht van de meest gebruikte variëteiten in de
bakkerij. Daar waar mogelijk heb ik ook proberen aangeven hoe geschikt de soort
is voor invriezen en hoe bakstabiel is ze. Naast de appels die hier beschreven
worden bestaan er uiteraard nog vele soorten, maar de meest gebruikte worden
besproken.
|
Braeburn |
Braeburn appels zijn afkomstig van Nieuw Zeeland waar ze
ontstonden door een toevallige kruisbestuiving in 1952. De appel heeft een
zoete smaak die in balans is met een matige zurigheid. De textuur is krokant,
vast en sappig. De grondtoon is geelachtig groen waarop een breed rood gestreept
patroon te zien is. Hij is pas laat in het seizoen plukrijp en kan lang
bewaard worden. Zijn eeteigenschappen maakt hem geschikt zowel als kookappel
als eetappel. Sommige fans beweren dat het de beste appel is onder alle
appels, maar internationale experten plaatsen hem op de 9de plaats van de
hitparade der beste appels. |
|
Bramley |
Bramley is een zurige appel met een typisch aroma die
gedurende het bakken een donzige luchtige textuur krijgt zonder dat hij echt
tot moes kookt. De meeste chef bakkers hebben een Franse traditie en daarom
vindt men, buiten in Engeland, waar de bramley een begrip is, weinig recepten
met bramley appels. De meeste bramleys worden gekweekt in Kent en Noord
Ierland. Dus in tegenstelling tot wat de Engelsen graag denken, er zijn nog
andere plaatsen in de wereld waar men bramley appels kan vinden. Bramleys
zijn het hele jaar door te krijgen. De appel dankt zijn naam aan Matthew
Bramley een slager uit Southwell in Nottinghamshire. |
|
Cameo |
Cameo appels worden, zoals vele soorten appels
gekweekt in de staat Washington. Chelan county is in het bijzonder gekend
voor de boomgaarden. De cameo appel is een zoet zurige appel en heeft vast en
compact vruchtvlees. Hij is daarom heel goed geschikt voor het gebruik in
appeltaarten. De taart moet dan meestal ook enkele minuutjes langer bakken om
de appel zacht te maken. Ook wanneer de appeltaart daarna ingevroren wordt
gaat de appel zijn structuur slechts in kleine mate verliezen. Door het bakken
gaat hij slechts weinig van zijn zoet-zuur aroma verliezen. Cameo appels zijn
echter niet overal en niet het ganse jaar door beschikbaar. |
|
Cortland |
Cortland is een appel die verkregen werd door het
kruisen van McIntosh appels met andere variëteiten. De McIntosh appel heeft
bijzondere eigenschappen (zie verder in dit lijstje) maar heeft ook een paar
zwakke punten zoals een taaie pel. Het aroma van de cortland appel is te
vergelijken met dit van de McIntosh appel. Het vruchtvlees is bijzonder wit
en zacht. Het is een zoete appel die niet vlug bruin kleurt tijdens bakken
zelfs al is hij zoet en bevat hij veel relatief veel suikers. |
|
Cox |
Cox appels zijn te krijgen van zodra de herfst
begint tot begin januari. De pel is eerder dik en taai. Het vruchtvlees is
geel, hard en compact, krakend en sappig. Het is mild zurig met een
uitgesproken aroma. |
|
Crispin |
Crispin is een appel van Japanse oorsprong. Hij wordt
daarom ook wel eens Mutsu appel genoemd. Het is een kruising tussen de Golden
Delicious en de Indo, een Japanse appelvariëteit. Deze appel is slechts laat
op het jaar plukklaar (tweede helft van oktober). Hij heeft een typisch
groenachtige kleur en romerig wit vruchtvlees. Het vruchtvlees is sappig en
vast. Hij heeft een matig zoetig aroma en is uitermate geschikt om gebruikt
te worden in de bakkerij. |
|
Empire |
Empire is een kruising tussen McIntosh en Red
Delicious en heeft zijn goede eigenschappen van beide geërfd en versterkt.
Dit is vooral te wijten aan het feit dat hij heel wat langer kan bewaard
worden dan de McIntosh appel. Sommige beweren zelfs dat zijn delicaat aroma
versterkt worden naarmate dat hij iets langer bewaard is. Hij combineert de
prettig zurige smaak van de McIntosch met het rijk zoeterig aroma van de Red
Delicious. Deze appel kan zowat in alle toepassingen gebruikt worden :
salades, appelmoes, appelvulling en natuurlijk kan hij ook zo gegeten worden.
|
|
Gala |
Gala werd voor het eerst in Nieuw Zeeland gekweekt
door het kruisen van Kidd's Orange Red en Golden Delicious. Het is een
vroegrijpe appel licht bitsig zuur en fluweel zoet. Zijn gelig, sappig
vruchtvlees is zeer vast. Hij wordt door experten als de op één na beste
appel ter wereld beschouwd. |
|
Ginger Gold |
Ginger Gold werd toevallig ontdekt in een boomgaard
in Virginia. Hij heeft ongeveer dezelfde eigenschappen als de Golden
Delicious alleen is hij ongeveer 6 weken vroeger rijp. Hij heeft een textuur
en smaak die soortgelijk zijn aan de Golden Delicious maar heeft daarnaast
ook een kruidig aroma dat hem uniek maakt. Hij wordt best vers gegeten en is
niet goed geschikt als bewaarappel. |
|
Golden Delicious |
Golden Delicious is de op een na meest
populaire, meest gekweekte appel ter wereld. De herkomst van deze appel moet
gezocht worden in Clay County in West Virginia. Tot 1914 werd hij
"Mullin's Yellow Seedling" genoemd. De teeltrechten en
verspreidingsrechten werden gekocht door de broers Stark die hem ook zijn
huidige naam gaven. Waarschijnlijk stamt de Golden Delicious af van een
kruising tussen de reinnet en de Grimes Golden. Golden Delicious is een zoete
appel waaraan men relatief weinig suiker moet toevoegen om een goede
appelvulling te maken. Het is ook een vrij vaste appel. Hij heeft een goed
aroma en is uitermate geschikt als eetappel. Hij wordt ook veelvuldig
gebruikt om cider te maken. |
|
Honeycrisp |
Honeycrisp is het resultaat van een kweekprogramma
dat loop aan de universiteit van Minnesota. Het is een kruising van Macoun en
Honeygold. Het is een uitermate krokante appel en een sappig en zoet
vruchtvlees. |
|
Ida Red |
Ida Redis een kruising tussen Jonathan appels en
Wagener die gemaakt werd aan het Idaho Agricultural Experiment Station. De
kruising werd vrijgegeven in 1942 voor commercialisatie. Het is een vaste,
helder rode appel. Het is een excellente eetappel maar hij wordt ook veel in
de bakkerij gebruikt omdat hij niet tot moes bakt. Hij heeft een aangenaam
zurig aroma. |
|
Jonagold |
Jonagold is een van de meest geliefde appels in Europa.
Hij werd gekweekt door het kruisen van Jonathan met Golden Delicious. Vandaar
zijn oranje rode blos. Het is een appel die voor alle doeleinden kan gebruikt
worden. Hij heeft een vast sappig vruchtvlees dat een scala aan delicate
aroma's verenigt in een en dezelfde appel. Hij wordt door experten als de
beste appel ter wereld bestempeld. |
|
Jonamac |
Jonamac is, zoals de naam doet vermoeden, een kruising
tussen de Jonathan en de McIntosh appel. Hij heeft een afbeet die ongeveer
dezelfde is als die van McIntosh, misschien iets harder. Excellent als eet-
en kookappel. Tijdens het bakken worden de schijfjes boterzacht en zeer
sappig. |
|
Jonathan |
Jonathan is een appel die in 1820 werd erkend als een aparte
variëteit. Hij kreeg de naam van de man die hem promootte. Hij is zowel
geschikt als eetappel als kookappel. Deze karmijnrode appel (met enkele geel-
groene trekjes) heeft een kruidig zuur boeket dat, gemengd met andere appels,
een ideaal geschikt mengsel geeft zowel voor appelvullingen als voor cider. |
|
McIntosh |
In
1796 was John McIntosh 19 jaar oud
toen hij een romance begon met een meisje uit Mohawk Valley in de buurt van
New York. Zijn vader zag dat echter niet zitten en het koppeltje maakte
plannen om naar Canada te verdwijnen. Zij vertrok eerst, maar toen ook hij
later arriveerde bleek dat zijn liefje aan een of andere duistere ziekte
overleden was. Hij trok de wilde natuur van Canada in waarin hij vijf jaar
rondzwierf. Vijf jaar later vestigde hij zich in de buurt van Dundela niet
ver van de St. Lawrence rivier en plantte daar een paar scheuten van wilde
appels die hij op zijn zwerftocht gevonden had. De appels werden vrij bekend
in de buurt waar hij woonde voor hun aangenaam zuur en zeer aromatisch
boeket. Later trouwde hij en het was zijn zoon die de appelsoort begon te commercialiseren.
De McIntosch appel heeft sappig wit vlees en een ietwat taaie schil die
rood-groen gekleurd is. Het is een excellente appel om appeltaartvulling mee
te maken. |
|
Paula Red |
Paula Red is een mutatie van de McIntosh appel die al
plukrijp is op het einde van de zomer in tegenstelling tot de McIntosh appel
die slechts laat in de herfst kan geoogst worden. Deze appel werd door Lewis
Arends gekweekt en is commercieel beschikbaar sinds 1960. Hij is slechts kort
houdbaar tot maximaal begin oktober. |
|
Nothern Spy |
Northern Spy is een appel die in het begin van de
19de eeuw ontdekt werd ten zijden van Rochester, New York. Nothern Spy is
laat op het seizoen rijp, en vertoont een rode blos op een geelgroene schil.
Het vruchtvlees is geel van kleur. Deze appel behoudt zijn vorm en smaak
wanneer hij gekookt wordt. Hij is daarom ook geschikte appel in allerlei
toepassingen, ook voor het bereiden van appelmoes. |
|
Red Delicious |
Red Delicious is wereldwijd de meest gekweekte,
verbruikte en gebruikte appel. De oorsprong van deze appel moet in Iowa
gezocht worden. Jesse Hiatt ontdekte toevallig enkele scheuten van een wilde
appel op zijn boerderij in Peru (nee niet in Zuid-Amerika maar een dorp in de
staat Iowa). De oorspronkelijke naam was Hawkeye en deze appel werd voor de
eerste maal in 1893 op een fruitbeurs in Louisiana ten toon gesteld. Stark
Brothers Nurseries zorgden voor de commercialisatie van de appel en gaven hem
de naam Red Delicious. Deze appel wordt het best vers gegeten en is niet
zozeer geschikt om vullingen mee te maken. Het is een sappige appel met
krokant vlees en een zoet aroma. |
|
Rome |
Rome dankt zijn naam helemaal niet aan de eeuwige
stad maar wel aan een obscuur dorpje in Ohio, waar hij in 1816 ontdekt werd.
Het is een heel kleurintense rode appel die bijna perfect rond is. Hij heeft
vast vruchtvlees, een gladde schil. Hij is uitermate geschikt voor gebruik in
de bakkerij omdat hij weinig vocht verliest en zijn zoet aroma behoudt
tijdens het bakken. |
|
Winesap |
Winesap is waarschijnlijk afkomstig van New Jersey waar
hij voor het eerst in 1817 opduikt. Hij wordt omschreven als de cider appel
bij uitstek. Winesap is een lekkere appel die zowel vers kan gegeten worden
als gebruikt worden voor toepassingen in de bakkerij. Hij heeft vast en
krokant vruchtvlees en een zoete, zeer aromatische smaak. De schil is intens
rood tegen een gelige achtergrond. |
Gerst en mout
Gerst
behoort tot de oudste van de verbouwde graansoorten. Net als alle andere granen
ligt de oorsprong van de verbouwing in het Midden Oosten. Sporen van cultivatie
van de twee-rijige variant zijn gevonden bij opgravingen in Iran en gedateerd
op 8000 jaar voor Christus. Ook zijn er aanwijzingen dat het 17.000 jaar
geleden al in de Nijlvallei gebruikt werd. Minder oud zijn vondsten in India en
China.
Tegenwoordig
is het verspreidingsgebied gegroeid en wordt het van alle graansoorten in het
grootste aantal klimaten gecultiveerd. Het verspreidingsgebied loopt van 70° noorderbreedte
in Noorwegen tot aan de Sahara in Algerije en vlak bij de evenaar in Ecuador en
Kenia. Gerst wordt gekweekt op
Gerst
is een eenjarige plant die behoort tot de familie der grassen en het genus
Hordeum. De meest gekweekte variant is Hordeum vulgare. Het komt voor in zowel
twee-rijige als zes-rijige varianten. De wereldproductie ligt rond de 150
miljoen ton waarvan het grootste gedeelte in Rusland (ongeveer 40 miljoen ton).
Gerst
wordt meestal gebruikt om mout van te maken. Het wordt dan gebruikt in bier en
whisky. In Noord Afrika echter wordt het gebruikt om pap en couscous van te
maken. Verder wordt het steeds meer en meer in allerlei voedingsproducten
gebruikt vanwege zijn cholesterolverlagende werking.
Gerst
bevat gemiddeld 11 % eiwit, 80 % koolhydraten, 2 tot 3 % vetten en 2 %
mineralen. De rest zijn de zogenaamde minor componenten. Voor gerst geldt dat
het totale eiwitgehalte ongeveer gelijkmatig verdeeld is over de drie
eiwitklassen nl. de albuminen en globulinen (de oplosbare eiwitten), de gluteninen
en de hordeïnes (de onoplosbare eiwitten). Gerst bevat geen gluten zoals tarwe
en kan dus geen glutennetwerk vormen zoals dat het geval is bij tarwe. Er kan
dus geen luchtig brood van gemaakt worden.
Bij
gerst komen, net zoals bij de andere graansoorten, twee types zetmeelkorrels
voor : de A-vorm die gemiddeld 20 µm groot is en het B-type, dat veel kleiner
is (2 - 4 µm). Gerst bevat ongeveer 80 % koolhydraten waarvan 2 % suikers, 64 %
zetmeel, 4 % cellulose en 10 % niet zetmeel poly-suikers. De
zetmeelsamenstelling is net als bij de andere granen opgebouwd uit amylose (lineaire
ketens van glucosemoleculen) en amylopectine (vertakte ketens). In gerst is
deze verhouding 25 à 30 % amylose en 70 à 75 % amylopectine.
De
samenstelling van de lipiden is ongeveer 20 % fosfolipiden, 7 % glycolipiden en
73 % niet-polaire lipiden. De gerstkorrel bevat net als haver veel onverzadigde
vetzuren. Daarnaast is gerst uniek onder de graangewassen voor wat de
aanwezigheid van tocopherol (vitamine E) betreft. Hiervan zijn in gerst acht
verschillende vormen aanwezig.
De
niet-zetmeel polysuikers in de gerstkorrel buiten de cellulose zijn vooral
arabinoxylanen en betaglucanen (beiden ongeveer 5 % van de korrel). Beide types
behoren tot de groep van de voedingsvezels en hebben dus een positieve invloed
op onze gezondheid. Van betaglucanen is bekend dat ze bijdragen tot het
verlagen van het cholesterol gehalte in het bloed.
Noten
Noten
worden als ongezond bestempeld : zij zitten vol met vetten en allergenen. Dit
is nochtans een verkeerd beeld, en zoals met de meeste dingen, overdaad
schaadt. Noten zitten vol van voedingstoffen zoals vitaminen, mineralen,
phytosterolen en onverzadigde vetzuren. Ook de allereerste gezondheidsclaim die
door de Food and Drug Administration werd goedgekeurd in 2003 betrof pindanoten
:
Er
moeten nog veel vragen in dit verband bestudeerd worden maar het is zeker dat
noten een gunstig vetzuur profiel hebben. Zo bevatten walnoten bijvoorbeeld
Diëtisten
zijn het de dag van vandaag eens dat walnoten, pindanoten en amandel noten
gezonde noten zijn. Maar zoals met alles moeten ze met mate gegeten worden.
|
Amandels |
Amandels komen origineel van centraal Azië en de vrucht
zelf is eigenlijk familie van de perzik. De vrucht is oneetbaar en lijkt op
groene perziken. Oorspronkelijk was de amandel erg bitter en niet lekker.
Door selectie en door het voortkweken van de minst bittere noten is men
vandaag tot een heel lekkere noot gekomen. Amandelnoten zitten vol
voedingstoffen. Er zit evenveel calcium in als in een half glas melk en ze
bevatten heel veel ruwe vezel. Vijfentwintig gram amandels bevat 15 mg
vitamine E (d-a-tocoferol) en dit komt overeen met de aanbevolen dagelijkse
inname. Daarnaast bevatten amandels noten vrij veel ijzer, magnesium, fosfor,
kalium, zink, koper, riboflavine (vitamine B12) en niacine. |
|
Brazil noten |
De
grote en lekkere Brazil noten zijn te
vinden in de wouden van het Amazone gebied in Brazilië, Peru en Bolivia. De
boom waarop de vruchten groeien, is gemakkelijk |
|
Cashew noten |
Anacardium
occidentale of de cashew boom is een giftige klimop plant die goed gedijd in
een tropisch klimaat. De noten ontwikkelen zich als een aanhangsel aan het
einde van de eetbare gele of rode vrucht, die we de cashew appel noemen.
Cashew noten bevatten uitzonderlijk veel koolhydraten ( |
|
Hazelnoten |
Hazelnoten
zijn vooral Europese noten maar men vindt ze tot in zuidwest Azië. Ze komen enorm
veel in het wild voor en er zijn slechts relatief weinig commerciële
aanplantingen. Ze bevatten ongeveer 200 mg calcium per |
|
Macadamia noten |
Macadamia
noten danken hun naam aan een Schots chemicus, John McAdam, die de boom voor
het eerst voor commerciële doeleinden kweekte en dit in 1858. Daarvoor werd
de boom gebruikt als sierboom. Macadamia noten zijn de vettigste van allemaal
: |
|
Pindanoten |
Pindanoten
zijn in de enge zin van het woord geen noten maar peulvruchten die onder de
grond groeien (zoals aardappelen dus) en in een bolster zitten. Hun herkomst
ligt in de dorre streken van Brazilië waar zij al meer dan 5000 geleden
gekweekt werden voor hun nutritionele eigenschappen. In 1500 voor Christus
werden zij door de Inca's gebruikt als offergave voor de goden en werden zij
samen met de doden begraven als voedsel tijdens het spiritueel leven. De
Spaanse veroveraars brachten ze mee naar Europa en zorgden voor de
verspreiding ervan zowel in Azië als in Afrika. Pindanoten zijn rijk aan
magnesium, fosfor, kalium, zink, koper, mangaan, thiamine, niacine, folium
zuur en vitamine E. Vijfentwintig gram bevat ongeveer |
|
Pecan noten |
De
pecan boom is een inheemse boom uit Mexico en het zuiden van de Verenigde
Staten. Deze noten werden oorspronkelijk gebruikt om bloem mee te maken en
van die bloem werd een soort brood gebakken. Bij kamertemperatuur worden ze
snel ranzig en kunnen ze slechts 2 à 3 maanden bewaard worden. Bij een
temperatuur lager dan |
|
Pijnnoten |
Er
zijn ongeveer 80 verschillende soorten pijnbomen maar slechts enkele
variëteiten hebben zaadjes die groot genoeg zijn om als pijnnoot
gecatalogeerd te staan. Op de koop toe zijn de meeste "harsig" en
smaken ze naar terpentijn. De pijnnoten die gecommercialiseerd worden zijn
afkomstig van de Pinus pinea, een boom die men vooral aantreft op de
noordelijke kusten van de Middellandse Zee. Men vindt ze dus voornamelijk in
Portugal, Spanje, Turkije en Libanon. Pijnnoten bevatten veel vitamine B1
(thiamine), ijzer, magnesium, fosfor, zink, koper en mangaan. De ideale
manier om ze te bewaren is in de vriezer nadat ze lichtjes geroosterd zijn. |
|
Pistache noten |
De
pistache boom is een inheemse boom van Turkije en de streek rond de Kaspische
Zee. Hij wordt al meer dan 4000 jaar voor zijn noten gekweekt. Pistache noten
zijn een goede bron voor calcium, magnesium en vooral vitamine A. Ze bevatten
ook uitzonderlijk veel ascorbine zuur of vitamine C, dit in tegenstelling tot
andere noten die meestal helemaal geen vitamine C bevatten. Ze worden vooral
gekweekt in Griekenland, Turkije, Iran, Italië en Syrië. |
|
Walnoten |
Walnoten,
de koningin onder alle noten. Voor de Romeinen waren ze de noten der goden.
Nu worden ze door voedseldeskundigen geprezen voor hun gehalte aan a-linoleen
zuur. De vetfase bevat 4 - 10 % van dit zuur. Walnoten zijn de best
bestudeerde noten. Uit deze studies blijkt dat bij mensen die een paar
porties walnoten per week eten, de cholesterol in het bloed gemiddeld 12 %
lager is en dat het risico op hart- en vaatziekten met 30 tot 50 % afneemt.
Walnoten worden vooral gekweekt in Argentinië, Chili, China, Frankrijk,
Griekenland, Hongarije, India, Iran, Italië, Moldavië, Noord Korea, Turkije,
Oekraïne en in de Verenigde Staten. |
Eieren
Functie
van eigeel in de bakkerij
Vloeibaar
eigeel bevat ongeveer
Eigeel
is een natuurlijk product en varieert daarom in zijn samenstelling. Gemiddeld
is eigeel als volgt samengesteld :
|
gemiddelde samenstelling van eigeel |
|
|
water |
49 % |
|
eiwit |
17 % |
|
suiker |
1,8 % |
|
as |
1,8 % |
|
vetten |
31 % |
|
triglyceriden |
21 % |
|
lecithine |
8 % |
|
cholesterol |
1,4 % |
Soja lecithine
heeft een andere samenstelling dan lecithine van eieren :
|
Fosfolipiden profiel van verschillende
lecithinen |
||||
|
|
natief |
soja lecithine |
eigeel
lecithine |
|
|
oplosbaar in alcohol |
onoplosbaar in alcohol |
|||
|
fosfatidylcholine
|
32 % |
60 % |
4 % |
79 % |
|
fosfatidylethanolamine
|
21 % |
30 % |
29 % |
17 % |
|
fosfatidylinositol
|
18 % |
2 % |
55 % |
1 % |
De
fractie van de soja lecithine, dat oplosbaar is in alcohol ligt het dichts bij
lecithine afkomstig van eigeel. Fosfatidylcholine is zeer oppervlakte actief en
is daarom een goede emulgator voor "olie in water" emulsies. De
eiwitten die aanwezig zijn in het eigeel vormen een laagje op de olie en op die
manier krijgt men een meer stabiele emulsie. Soms wordt xanthaan gom gebruikt
om hetzelfde effect te bekomen. Xanthaan gaat de viscositeit van bijvoorbeeld
cake beslag verhogen waardoor men een stabieler geheel krijgt.
Versheid van eieren
Iedereen
twijfelt wel eens of de eieren die in de koelkast liggen wel nog vers zijn.
Enkele eenvoudige tips kunnen ons hierbij helpen. Het woord dat te onthouden is
luchtkamer. Als een ei ouder wordt verdampt er vocht doorheen de poreuze
eischaal en wordt de luchtkamer bijgevolg groter. Doordat de luchtkamer groter
is gaat een ei vlugger drijven in zoutwater.
Je kunt een oud ei ook herkennen door het zachtjes te schudden. Doordat de
luchtkamer groter is gaat de inhoud klotsen. Bij een vers ei hoor je niets.
Hoe de versheid van een ei controleren ?
In
de eierhandel kan de versheid van eieren gecontroleerd worden door ze door te
lichten. Een ei is vers als het licht erdoor schijnt, de dooier niet duidelijk
zichtbaar en niet erg beweeglijk , en de luchtkamer nog klein is. Hoewel men
thuis niet beschikt over een dergelijke lichtbron voor deze test, kan men zich
ook behelpen met een zaklamp.
De
drijfproef : een vers ei in een kom met zout water (1 liter water en 100 gr zout)
zal plat op de bodem blijven liggen. Hoe ouder het ei hoe meer de stompe kant
naar boven komt. Is de luchtkamer al groot (na ongeveer 6 weken) dan kan het ei
zelfs drijven.
De
breekproef : bij het breken zal een vers ei een bolronde, stevige dooier en
veel stevig eiwit hebben dat weinig uitloopt.
Bewaren van eieren
Schone
eieren zijn langer houdbaar dan eieren waar nog vuil aan zit. Door de poreuze
schaal kunnen immers gemakkelijk bacteriën het ei binnendringen. Kijk daarom de
eieren voordat u ze opbergt even na en maak ze eventueel met een doekje schoon.
Bewaar
eieren liefst niet langer dan twee tot drie weken op een koele en donkere
plaats. Leg eieren niet dicht bij gerookte vis, knoflook of ander sterk
ruikende of snel aan bederf onderhevige levensmiddelen. Eieren kunnen door de
poreuze schaal heel gemakkelijk geur en smaak van dergelijke producten
overnemen.
Bewaar
eieren met de punt naar beneden, zo blijft de dooier het best op zijn plaats.
Eieren moeten met het luchtzakje naar boven worden bewaard, anders gaat de
lucht naar boven en raakt het vlies los.
Neem
eieren voor het gebruik bijtijds uit de koelkast en laat ze op kamertemperatuur
komen. Gebruik voor het splitsen van eieren in dooier en wit bij voorkeur een
eiersplitser of -scheider. Zorg ervoor dat de ei-inhoud niet met de eierschaal
in contact komt. Haal een eventueel stukje eierschaal met een natgemaakte lepel
uit het eiwit en nooit met een halve eierschaal. Op deze manier kan er geen
besmetting via de eierschaal plaats vinden. De eierschaal zit meestal vol met
bacteriën.
Bij
het produceren van een ei kan er een klein bloedvaatje in de eierstokken van de
kip scheuren waardoor er wat bloed in het ei terecht kan komen. Het is een
misverstand te denken dat een dergelijk ei bevrucht zou zijn. Mocht er een
bloedstipje in het ei te zien zijn, dan kan dat met een natgemaakte lepel
worden verwijderd.
De
hagelsnoeren (stevige strengen eiwit) die er voor zorgen dat de dooier op zijn
plaats blijft, hoeven niet te worden verwijderd.
Een
dubbele dooier komt soms voor maar er is verder niks mis met het ei.
Soms
scheurt de eierschaal tijdens het koken van een ei, hoewel het nergens hard
tegenaan stoot. Dat komt doordat zich in het ei een luchtkamer bevindt. De
lucht daarin zet door de hitte van het koken uit. De eierschaal komt onder druk
te staan en knapt, omdat de lucht moet ontsnappen. Je kunt het voorkomen door
een gaatje in de stompe kant van het ei te prikken, waar de luchtkamer zich
bevindt. De lucht kan er dan veel sneller uit
De
kleur van de dooier heeft te maken met het kippenvoer. Als dat uit veel
groenvoer bestaat, dan zijn de eidooiers oranjegeel. Maar krijgt een kip eten
met weinig kleurstof (zoals graan), dan worden ze lichtgeel.
Men
zegt dat een witte kip meestal witte eieren legt en een bruine kip bruine
eieren. Maar dit hoeft niet. De kleur van het ei hangt af van het ras van de
kip ! Je kunt het zien aan het oorlelletje van de kip welke kleur ei zij gaat
leggen. Een witte oorlel is witte eieren, een rode oorlel is bruine eieren. De
kleur van het ei heeft géén invloed op smaak, heeft ook niets te maken met de
huisvesting van de kip.
Voedselveiligheid en eieren
De
mens leeft te midden van micro-organismen zoals schimmels, gisten en bacteriën
Hun biodiversiteit is enorm en de meeste zijn nodig voor het in stand houden
van onze leefomgeving.
Slechts
een minderheid van deze micro-organismen zijn pathogene of ziekteverwekkende
schimmels, en bacteriën. Hoewel niet specifiek erkent als micro-organismen
worden ook virussen en prionen tot deze ziekteverwekkers gerekend. Het woord
prion staat voor de substantie die verantwoordelijk is voor verschillende
zenuwaantastingen bij zoogdieren zoals de ziekte van Cruetzfeldt-Jacob bij de
mens. Het woord is afkomstig van " proteinaceous infectious
particle".
Microbiologische
infecties of intoxicaties zijn de belangrijkste oorzaken van die ziektes of
erger die terug te voeren zijn tot voeding. De belangrijkste boosdoeners in
deze zijn:
De
microbiologische besmetting kan gebeuren tijdens de productie, de bewaring, de
verwerking, de verkoop of de bereiding van het voedsel of zijn grondstoffen. De
besmetting kan ook al in of op de gewassen of in de dieren aanwezig zijn
vooraleer zij worden geoogst of geslacht als grondstoffen voor voedselproductie
Naast
rauw vlees worden heel wat gerapporteerde gevallen van salmonellose (besmetting
door Salmonella die in ongeveer 0,1 % van de gevallen fataal afloopt)
veroorzaakt door eieren. Bij heel wat bereidingen worden eieren niet of
onvoldoende verhit. Hierdoor kan de bacterie die zich al in de rauwe eieren bevindt
gemakkelijk in het voedsel overzetten. Dit is bijvoorbeeld het geval bij de
thuisbereiding van mayonaise. Bij industrieel bereide mayonaise is de nodige
hittebehandeling wel mogelijk. Niet alle eieren en zelfs slechts enkele op
duizend zijn besmet met Salmonella K. Deze enkele bevatten echter zeer hoge
aantallen van deze bacterie voldoende om een infectie te veroorzaken. Door
hygiënische en andere maatregelen in de hele productieketen wil men echter
eieren met Salmonella voorkomen.


©1995 - 2007 by Classo Foods.